TALIBABART

previous arrowprevious arrow
next arrownext arrow
Slider
tekst
Het is 2005 en het geweld van moslimextremisme is alom aanwezig in de media. Niet alleen moslimlanden maar ook westerse landen gaan gebukt onder de dreiging. Ik probeer me voor te stellen hoe kunst er zou uitzien onder een extreem moslimregime. Rond die tijd, 2005, vallen me voor het eerst witte pakken op, die overal in het landschap verspreid liggen. Aangetrokken door deze mysterieuze verschijningen begin ik ze te fotograferen. Ik zie enkel verhullende, witte, gedrapeerde plastic folie, waar mijn fantasie door geprikkeld wordt. Ik droom van woestijnruiters te paard, van de vrouwen in 1001 Nachten, van machtige sjeiks die alles wat met beeld en muziek te maken heeft willen verbannen uit de wereld, van kunstenaars die toch weer een manier vinden om er met hun werk mee onderuit te komen. Later kom ik erachter dat de witte balen vers gemaaid gras bevatten. Verpakt in plastiek kan het veevoer geconserveerd worden voor de winter. De hooimijten die ik ken uit mijn kindertijd en van oude schilderijen zijn nergens meer te bespeuren. De modernisering is niet te stuiten, hoe hard zowel conservatieve als alternatieve stoottroepen er ook tegen vechten.